Zon: de ster, het zonlicht en 'in het zonnetje zetten'

De zon is de ster waar de aarde omheen draait, en ook het licht en de warmte ervan. Het woord zit verstopt in zondag, zonnebril en zonsopgang.

De zon is de ster in het midden van ons zonnestelsel. Wie 'in het zonnetje wordt gezet', krijgt precies de aandacht en waardering die de zon aan planten geeft. Het woord zit in tientallen samenstellingen, van zonnebril tot zonsverduistering. Haar tegenhanger aan de hemel is de maan.

Vormen van zon

VormWoordVoorbeeld
Lidwoordde zonDe zon schijnt.
MeervoudzonnenVerre zonnen.
VerkleinwoordzonnetjeEen zonnetje.
SamenstellingzonsopgangBij zonsopgang.
SamenstellingzondagOp zondag.

Zon in zinnen

Zon, zoon en zondag

Let op het verschil tussen zon en *zoon*: het eerste is de hemelster, het tweede een mannelijk kind. De zon heeft een korte o-klank en een dubbele n in het meervoud (*zonnen*). Het woord zit ook in *zondag*, wat letterlijk 'de dag van de zon' is, naar het Latijnse *dies solis* dat in de Germaanse talen is nagebootst. Daarom heet het in het Engels *Sunday*. Een ander mooi geval is de zomer, de tijd waarin de zon het hoogst staat, al is die naam niet van zon afgeleid.

Is het zon of zoon?

Zon is de ster; zoon is een mannelijk kind. De uitspraak verschilt: zon met korte o, zoon met lange o.

Waar komt zondag vandaan?

Van 'dag van de zon'. Het is een vertaling van het Latijnse dies solis.

Bronnen

WhatsAppXTelegramFacebook

Meer woorden van 3 letters