Rij, rijen en rijden: dezelfde stam, drie betekenissen

Een rij is een aantal personen of zaken die naast of achter elkaar staan. Rij is ook de stam van het werkwoord rijden.

Een rij is een opstelling waarbij mensen of dingen op een lijn achter of naast elkaar staan. Maar rij is ook de stam van 'rijden', zodat 'ik rij naar huis' niets met een wachtrij te maken heeft. Het woord is dus wat verwarrend, maar de context maakt het duidelijk.

Vormen

VormWoordVoorbeeld
Lidwoordde rijDe rij is lang.
MeervoudrijenDrie rijen stoelen.
VerkleinwoordrijtjeEen rijtje woorden.
Werkwoord (hij)rijdtHij rijdt naar huis.
Verleden tijd (enkelvoud / meervoud)reed / redenHij reed, wij reden.
Voltooid deelwoordgeredenHebben/zijn gereden.

Voorbeeldzinnen

Rij in Nederland en Vlaanderen

Een Nederlander zegt 'in de rij staan' en 'een wachtrij'. In Vlaanderen is aanschuiven gebruikelijk: 'Ik moet nog aanschuiven aan de kassa.' Het woord rij blijft in beide landen bruikbaar. Bij het werkwoord rijden moet je goed op de onregelmatige vormen letten: reed, reden, gereden. Een ritje met de fiets heet een rit, een lange rij auto's heet een file of stoet.

Is rij hetzelfde als een lijn?

Bijna: een rij is een reeks naast of achter elkaar, een lijn is een streep of verbinding. Bij een rij mensen kun je ook van een lijn spreken.

Is het ik rij of ik rijd?

Ik rij, zonder d. Bij hij, zij en het hoort wel een t: hij rijdt.

Bronnen

WhatsAppXTelegramFacebook

Meer woorden van 3 letters