Lef hebben: durf en branie

Lef is spreektaal voor durf of brutaliteit. Wie lef heeft, durft iets te doen waar anderen voor terugdeinzen.

Lef is een kleurrijk woord. Wie 'het lef heeft' om iets te doen, durft iets wat anderen niet zouden doen, soms bewonderenswaardig en soms brutaal. Het woord klinkt informeel en energiek. Het kan een compliment zijn, maar 'wat een lef!' kan ook verontwaardiging uitdrukken. Verwante woorden zijn moed en durf, maar lef heeft vaak een speelser of onbeschaamder randje.

Vormen van lef

VormWoordVoorbeeld
Lidwoordhet lefHet lef was groot.
MeervoudgeenGeen gangbaar meervoud.
SamenstellinglefgozerIemand met branie.
Uitdrukkinglef tonenDurf laten zien.
Uitdrukkinghet lef hebbenDurven.

Lef in zinnen

Herkomst en toon

Het woord *lef* komt volgens sommige woordenboeken waarschijnlijk uit het Jiddisch, van *lev*, hart. Wie lef heeft, heeft dan letterlijk 'hart', zoals je in het Engels ook 'heart' kunt hebben. De precieze afkomst is niet helemaal zeker. Het woord is daarmee geen standaardtaal, maar een kleurrijk deel van de omgangstaal. Het tegenovergestelde is de lafaard, die er het eerst tussenuit knijpt. In Vlaanderen en Nederland is lef een gewoon, begrijpelijk woord, al hoort het in gesproken en informele taal thuis en minder in een officiële brief.

Is lef een positief woord?

Meestal wel, maar de toon kan ook verontwaardigd zijn.

Wat is een lefgozer?

Iemand die zelfverzekerd en brutaal optreedt.

Bronnen

WhatsAppXTelegramFacebook

Meer woorden van 3 letters