Slagen of zakken: wat is een examen precies?
Een examen is een toets waarmee wordt vastgesteld of iemand genoeg kennis of vaardigheid heeft voor een diploma of vergunning.
Een examen is een officiële proeve van kennis of kunde. Het Latijnse *examen* betekende oorspronkelijk de tong van een weegschaal, en dat past mooi: een examen weegt wat je kunt. Daarna verschoof de betekenis naar 'onderzoek' en uiteindelijk naar de toets die we vandaag kennen.
- Toets voor een diploma. *Zij doet volgend jaar eindexamen.*
- Rijexamen of vakexamen. *Hij slaagde in één keer voor zijn theorie-examen.*
- Figuurlijke beproeving. *De wedstrijd was een zwaar examen voor de ploeg.*
Vormen
| Kenmerk | Vorm | Voorbeeld |
|---|---|---|
| Lidwoord | het | het examen |
| Meervoud | examens of examina | de examens |
| Verkleinwoord | examentje | een examentje |
| Werkwoord | examen doen | ik doe examen |
| Samenstelling | eindexamen | het eindexamen |
Examen in een zin
- Morgen heb ik mijn laatste examen.Neutraal en alledaags.
- Ze is geslaagd voor haar examen en mag nu zelfstandig rijden.Voor een rijbewijs geldt hetzelfde woord.
- Ze legt in juni haar laatste examen af.Examen afleggen is formeler dan examen doen; beide zijn in Nederland en Vlaanderen gebruikelijk.
Examen, toets en tentamen
In het dagelijks gebruik lopen de woorden door elkaar, maar er zijn verschillen. Een toets is vaak korter en telt minder zwaar mee. Een examen sluit meestal een opleiding of vak af en bepaalt of je het diploma krijgt. Een *tentamen* is een universitair onderdeel dat voorafgaat aan een examen, al gebruiken Vlaamse instellingen het woord minder. Het eindresultaat druk je uit in een cijfer, in Vlaanderen vaak in punten of procenten.
Is het meervoud examens of examina?
Beide zijn correct. In de gewone taal is examens het gebruikelijkst.
Wat is eindexamen?
Het examen waarmee je middelbare school afsluit. In Nederland bestaat het uit een schoolexamen en een centraal examen.