Doctor: een academische titel, geen artsentitel
Een doctor is iemand die een promotie heeft afgerond en de titel dr. mag voeren. In het dagelijks leven wordt een arts meestal dokter genoemd.
Een doctor is iemand die zijn proefschrift heeft verdedigd en de titel dr. voert. Een doctor hoeft geen arts te zijn: de titel zegt dat iemand onderzoek heeft gedaan, niet dat hij patiënten behandelt. Voor de arts gebruik je dokter.
- Titel na promotie. *Dr. Jansen verdedigde haar proefschrift.*
- Persoon met die titel. *Hij is doctor in de natuurkunde.*
- Eretitel (honoris causa). *De universiteit verleende hem een eredoctoraat.*
Vormen van doctor
| Vorm | Woord | Opmerking |
|---|---|---|
| Zelfstandig naamwoord | de doctor | mannelijk |
| Meervoud | doctoren, doctors | beide mogelijk |
| Afkorting | dr. | met punt, kleine letter |
| Werkwoord | promoveren | de doctorstitel behalen |
| Samenstelling | doctoraat | de graad of het proefschrift |
Doctor in een zin
- Hij is doctor in de geschiedenis.Formeel; zegt iets over opleiding.
- Dr. De Vries geeft morgen een lezing.Aanspreektitel in schrift.
- Ze deed haar doctoraat in Leuven.Typisch voor Vlaanderen waar 'doctoraat' vaak wordt gebruikt.
Doctor, doctorandus en dokter
Het Latijnse *doctor* betekent 'leraar' en hoort bij *docere*, onderwijzen. In het Nederlands heeft het zich opgesplitst: de doctor met een academische titel en de dokter, de arts, die tot hetzelfde woord teruggaat. Twee woorden die oorspronkelijk dezelfde zijn, kregen een heel andere betekenis. Tot de invoering van bachelor- en masterdiploma's rond 2002 was *doctorandus* (drs.) de titel van wie een universitaire studie had afgerond; daarna kwam de master (MSc, MA). Een verwant woord uit het onderwijs is docent.
Is een dokter ook een doctor?
Een arts heeft vaak geen doctorstitel. Pas na een promotie mag hij of zij dr. voeren.
Schrijf je dr. met een hoofdletter?
Meestal met kleine letter: dr. Jansen. De afkorting krijgt een punt.