Boog: een gebogen lijn, een wapen en de verleden tijd van buigen

Een boog is een gebogen lijn of constructie, een wapen om pijlen mee af te schieten, of de verleden tijd van buigen.

Een boog is alles wat in een ronding verloopt: een gewelf in een brug, een wapen voor pijlen, of de beweging van een bal. Hetzelfde woord is ook de verleden tijd van *buigen*, dus ‘hij boog’ en ‘de boog’ klinken precies gelijk. De context bepaalt welke bedoeld wordt.

Vormen van het woord

VormWoordVoorbeeld
Lidwoordde boogDe boog hangt aan de muur.
Meervoudde bogenStenen bogen.
Verkleinwoordhet boogjeEen boogje trekken.
Verleden tijd (buigen)ik boog, wij bogenWij bogen voor het publiek.
Voltooid deelwoordgebogen (hebben)Ze heeft zich gebogen over het probleem.

Zo gebruik je het in een zin

Boog, boogschutter en de brug

Wat is het meervoud van boog?

Het meervoud is *bogen*, ook als verleden tijd meervoud van *buigen*.

Wat is het verschil tussen boog en bocht?

Een boog is een gebogen lijn of vorm; een bocht is een plek waar een weg of rivier van richting verandert.

Bronnen

WhatsAppXTelegramFacebook

Meer woorden van 4 letters