Zucht: een diepe ademhaling, een verlangen en een oude ziekte
Een zucht is een diepe, hoorbare uitademing, meestal uit opluchting of verdriet. Ook: een sterk verlangen, zoals de zucht naar macht.
Een zucht is een lange, hoorbare uitademing die iets zegt over je gemoed. Je zucht van opluchting klinkt anders dan die van verveling, hoewel beide met dezelfde lucht worden gemaakt. Maar het woord heeft ook een andere kant: een zucht is een sterk verlangen, zoals de zucht naar vrijheid of macht.
- Diepe, hoorbare uitademing. *Ze slaakte een zucht van opluchting.*
- Sterk verlangen of drang. *Hij had een onstuitbare zucht naar avontuur.*
- Windvlaag. *Geen zuchtje wind.*
Vormen
| Kenmerk | Vorm | Voorbeeld |
|---|---|---|
| Lidwoord | de zucht | De zucht was diep. |
| Meervoud | zuchten | Diepe zuchten. |
| Verkleinwoord | zuchtje | Een zuchtje wind. |
| Werkwoord | zuchten, zuchtte, gezucht | Ze zuchtte. |
| Samenstelling | geelzucht | Geelzucht is een aandoening. |
Voorbeelden uit het dagelijks gebruik
- Hij slaakte een diepe zucht en zakte op de bank.Beeldend, literair.
- Haar zucht naar erkenning dreef haar voort.Formeel; een sterke behoefte.
- Er was geen zuchtje wind.Weerpraat: het is windstil.
Zucht, drang en oude ziekten
In samenstellingen als *geelzucht* en *waterzucht* betekende zucht vroeger 'ziekte', verwant aan het Duitse *Sucht*. Zo heeft het woord dus een ziekelijke kant. Wie een zucht heeft naar iets, voelt een drang, net als bij honger of dorst naar eten en drinken. Het verband tussen de ademhaling en het verlangen is volgens taalkundigen overigens niet zeker; sommigen zien er twee afzonderlijke woorden in.
Wat is het verschil tussen zucht en zucht naar?
Een zucht is de ademhaling; een zucht naar iets is een sterk verlangen.
Wat is het verleden tijd van zuchten?
Hij zuchtte, hij heeft gezucht.