Preek: de toespraak in de kerk en de standje thuis
Een preek is een godsdienstige toespraak tijdens een kerkdienst. Figuurlijk is het een lang, belerend verhaal waarmee iemand je de les leest.
Een preek hoort van oorsprong bij de kerkdienst, maar heeft de kansel allang verlaten. Wie thuis een preek krijgt, hoeft geen kerk in om de les gelezen te worden. Het woord klinkt dan al snel wat bits.
- Godsdienstige toespraak. *De dominee hield een korte preek over vergeving.*
- Belerende vermaning (figuurlijk). *Mijn vader hield me een preek over zuinigheid.*
- Lange, saaie rede. *Spaar me je preek, ik weet het al.*
Vormen
| Vorm | Woord | Opmerking |
|---|---|---|
| Lidwoord | de preek | Altijd een de-woord. |
| Meervoud | preken | Drie preken per maand. |
| Verkleinwoord | preekje | Vaak spottend of koesterend. |
| Werkwoord | preken | Hij preekte, hij heeft gepreekt. |
| Samenstelling | preekstoel | Verhoogde plek in de kerk. |
Preek in een zin
- De pastoor hield zondag een ontroerende preek.Neutraal en kerkelijk; ook in Vlaanderen gewoon gebruikelijk.
- Begin nou niet weer met je preek over fietshelmen.Informeel, licht verwijtend.
- Hij preekt voor eigen parochie.Uitdrukking: spreken in het eigen belang of voor mensen die het toch al met je eens zijn.
Herkomst en uitdrukkingen
Het werkwoord preken gaat via het Middelnederlands terug op het Latijnse *praedicare*, 'openlijk verkondigen'. Daarmee is het verwant aan het Franse *prêcher* en het Engelse *preach*. In het Nederlands bleef de godsdienstige kern bewaard, terwijl de bijsmaak van betuttelen erbij kwam. Een gebed hoort bij dezelfde wereld, maar is geen toespraak. Wie 'een preek krijgt', krijgt dus zelden iets wat hij zelf gevraagd heeft.
Wat is het verschil tussen een preek en een toespraak?
Een preek is godsdienstig of moraliserend. Een toespraak kan over alles gaan.
Wat betekent 'preken voor eigen parochie'?
Dat je iets verdedigt ten gunste van je eigen groep of belang, vaak voor een publiek dat je toch al gelijk geeft.