Zieke: een bijvoeglijk naamwoord, een zelfstandig naamwoord en jongerentaal
Een zieke is iemand die ziek is. Zieke is ook de verbogen vorm van het bijvoeglijk naamwoord ziek, en in jongerentaal betekent het bijzonder of gek.
Het woord zieke kent twee grammaticale gezichten. Als zelfstandig naamwoord is het een persoon die ziek is; als bijvoeglijk naamwoord is het de verbogen vorm: 'de zieke man'. In jongerentaal heeft ziek ook een heel andere betekenis gekregen: 'dat is ziek' betekent er is iets ongelofelijk goeds of bizar aan.
- Persoon die ziek is. *Het bezoek aan de zieken duurde een uur.*
- Verbogen vorm van ziek. *Een zieke collega.*
- Slang: *Dat is zieke muziek,* bijzonder of heftig.
Vormen
| Kenmerk | Vorm | Voorbeeld |
|---|---|---|
| Zelfstandig | de zieke | De zieke rust uit. |
| Meervoud | zieken | De zieken in het ziekenhuis. |
| Bijvoeglijk | zieke | Een zieke buurman. |
| Vergrotende trap | zieker | Zieker dan gisteren. |
| Samenstelling | ziekenhuis | Naar het ziekenhuis. |
Voorbeelden uit het dagelijks gebruik
- De verpleegster zorgt goed voor de zieken.Neutraal en formeel.
- Een zieke koe werd apart gezet.Het bijvoeglijk naamwoord bij een de-woord.
- Die beat is echt ziek!Slang van jongeren; positief bedoeld.
Ziek, zieke en ziekenfonds
In België bestaat het ziekenfonds, de mutualiteit die de ziekteverzekering regelt; in Nederland spreek je van de zorgverzekeraar. Het zelfstandig naamwoord *zieke* gebruik je met een lidwoord: de zieke, een zieke, de zieken. Een patiënt is een zieke in een medische context, terwijl de dokter de zieke behandelt. Wie ziek is, is dus niet automatisch een patiënt, maar wel een zieke.
Is zieke een bijvoeglijk of zelfstandig naamwoord?
Beide. 'De zieke man' gebruikt het bijvoeglijk naamwoord; 'een zieke' verwijst naar een persoon.
Wat is het verschil tussen zieke en patiënt?
Een patiënt staat in een behandelrelatie; een zieke is simpelweg iemand die ziek is.