Slot: een vergrendeling, een kasteel en het einde

Een slot is een toestel dat je met een sleutel dicht kunt maken, maar ook een kasteel en het einde van iets, zoals in ten slotte.

Een slot is een woord met drie gezichten. Op de deur zit een slot, op de heuvel staat een slot en aan het eind van een verhaal staat het slot. Alle drie komen van sluiten: dichtmaken, afsluiten of eindigen. Het slot werkt met een sleutel.

Vormen

KenmerkVormVoorbeeld
Lidwoordhet slotHet slot is nieuw.
MeervoudslotenDrie sloten.
VerkleinwoordslotjeEen slotje voor de fiets.
SamenstellingfietsslotHet fietsslot is stuk.
Vaste uitdrukkingten slotteTen slotte bedankte hij allen.

Slot in een zin

Pas op: sloten zijn ook greppels

Wat is een slot in de zin van kasteel?

Een versterkt of statig verblijf, vooral in eigennamen, zoals Slot Zuylen. Gewone taal gebruikt liever kasteel.

Wat is het verschil tussen slot en sluiting?

Slot is het toestel zelf. Sluiting is een brede term voor het dichtgaan, ook van een winkel of beurs.

Bronnen

WhatsAppXTelegramFacebook

Meer woorden van 4 letters