Koraal: dier, rif en kerklied in één woord

Koraal is een kalkskelet dat door kleine zeedieren wordt gemaakt en riffen vormt. Ook een kerklied heet koraal.

Koraal is een mooi voorbeeld van één woord met twee onverwante betekenissen. Zeedieren bouwen koraalriffen; componisten schrijven koralen voor het orgel, en beide zijn onder één woord samengebracht. Het eerste komt uit de oceaan, het tweede uit de kerk.

Vormen en samenstellingen

EigenschapVormOpmerking
Lidwoordhet koraalOnzijdig.
MeervoudkoralenMet -en.
VerkleinwoordkoraaltjeKlein stukje.
SamenstellingkoraalrifOok koraalrood.
VerwantkerkliedMuzikale betekenis.

Zinnen

Twee betekenissen, één woord

Het zeedier-koraal komt van het Griekse *korallion* via het Latijn; het kerklied-koraal heeft zijn naam van het Latijnse *cantus choralis*, koorzang. Het zijn dus eigenlijk twee woorden die toevallig gelijk klinken. Koraalriffen vormen een kwetsbare habitat in de zee, waar vissen en schaaldieren leven. Het rif is de bekendste vorm; het Great Barrier Reef is het grootste ter wereld. Het muzikale koraal is meestal een lied voor in de kerk. Protestantse gemeenten zingen koralen vaak vierstemmig, en componist Johann Sebastian Bach werkte er honderden voor uit.

Is koraal een plant?

Nee, koraal bestaat uit kleine dieren, poliepen, die een kalkskelet maken.

Wat is een koraal in de muziek?

Een eenvoudig kerklied, vaak gezongen door de hele gemeente.

Bronnen

WhatsAppXTelegramFacebook

Meer woorden van 6 letters