Kleren: waarom het altijd meervoud is
Kleren is het meervoud voor wat je aan je lichaam draagt. Het woord wordt zelden in het enkelvoud gebruikt; het enkelvoud is kledingstuk.
Je draagt kleren, maar je koopt een jas, een broek of een trui. Kleren is een meervoudswoord dat geen eigen enkelvoud heeft: wie één voorwerp bedoelt, zegt kledingstuk. Het woord is gemoedelijker dan kleding en komt vooral in de gesproken taal voor.
- Wat je draagt. *Doe je kleren aan, we gaan weg.*
- Kleding in het algemeen. *Mijn kleren zijn nat.*
- Verkleinwoord kleertjes. *Babykleertjes zijn heel zacht.*
Vormen
| Eigenschap | Vorm | Opmerking |
|---|---|---|
| Lidwoord | de kleren | Alleen meervoud. |
| Enkelvoud | kledingstuk | Vervangt het enkelvoud. |
| Verkleinwoord | kleertjes | Vooral voor kinderen. |
| Samenstelling | kledingkast | Ook kleerkast. |
| Verwant | kleed | Oud of bijzonder. |
Zinnen
- Je kleren liggen nog op de grond.Ouder aan kind; spreektaal.
- Hij kocht nieuwe kleren voor de bruiloft.Neutraal.
- Kleren maken de man.Spreekwoord: kleren bepalen de indruk.
Spreekwoorden en verhalen
*Kleren maken de man* betekent dat uiterlijk indruk maakt, een uitdrukking die ook in het Duits en Engels bestaat. Het sprookje van Andersen heet *De nieuwe kleren van de keizer*: de keizer loopt in zijn blootje terwijl iedereen doet alsof hij kleren draagt. Het woord zelf is verwant aan kleding. Een broek is een kledingstuk, geen kleren op zichzelf. In samenstellingen vind je kleerkast en kleerhanger naast kledingkast en kledinghanger; beide zijn gewoon in gebruik. Voor baby's en peuters zegt men bijna altijd kleertjes, een woord dat warm en teder klinkt.
Wat is het enkelvoud van kleren?
Er is geen echt enkelvoud; je zegt kledingstuk.
Is kleren informeel?
Een beetje; in formele teksten komt kleding vaker voor.