Wat is een hal? Voorportaal of grote ruimte
Een hal is een grote ruimte, zoals de ingang van een gebouw of een grote overdekte ruimte voor sport, markt of handel.
Elk gebouw heeft een hal, ook als je het niet meteen ziet. Het woord beschrijft de ruimte waar je binnenkomt, voordat je een deur naar een kamer opent. Daarnaast is een hal ook een grote overdekte ruimte, zoals een sporthal of markthal. Hij staat vaak naast een gang, maar is meestal breder en hoger.
- Ingangsruimte. *Zet je jas maar in de hal.*
- Grote overdekte ruimte. *De wedstrijd is in de sporthal.*
- Industriehal of opslagruimte. *Het bedrijf huurde een hal.*
Vormen van hal
| Vorm | Woord | Voorbeeld |
|---|---|---|
| Lidwoord | de hal | De hal is groot. |
| Meervoud | hallen | Hallen van beton. |
| Verkleinwoord | halletje | Een klein halletje. |
| Samenstelling | sporthal | Ook: markthal, stationshal. |
| Samenstelling | entreehal | Ook: hallenvoetbal. |
Hal in zinnen
- In de hal staat een kapstok.Gewoon alledaags gebruik.
- De concerten vinden plaats in een grote hal.Hal kan ook veel mensen bevatten.
- De Hallen in Amsterdam zijn een cultureel centrum.Eigennaam met hoofdletter.
Hal, hall en gang
Het Engelse *hall* komt van hetzelfde Germaanse woord, maar betekent soms ook gang. In het Nederlands is een hal de ruimte bij de ingang en de gang het smalle verbindingsstuk. In een kleine woning kunnen ze samenvallen. Een grote ruimte voor bijeenkomsten heet ook wel zaal, maar die heeft meestal een podium of stoelen.
Is hal een de- of het-woord?
De hal.
Wat is het verschil met een gang?
Een gang verbindt ruimtes, een hal is vaak een ruimte op zichzelf.