Vulling: van tandarts tot taart

Een vulling is wat een holte opvult, zoals het materiaal in een tand of de crème in een gebakje. Het woord kan ook de inhoud van een pen of kussen betekenen.

Een vulling doet wat het woord zegt: iets wat een lege ruimte opvult. Bij de tandarts is het een noodzakelijk kwaad, bij een appeltaart de reden dat je er een tweede stuk van neemt. Het woord komt van het werkwoord vullen.

Vormen

VormWoordVoorbeeld
Lidwoordde vullingDe vulling zit los.
MeervoudvullingenZij heeft vier vullingen.
SynoniemopvullingEen opvulling van schuim.
Werkwoordvullenvul, vulde, gevuld
Samenstellingkussenvulling, tandvullingEen kussenvulling van veren.

Voorbeeldzinnen

Vullingen in tand en kies

Een vulling in een tand of kies herstelt de plek waar het tandglazuur is weggeboord omdat er een gaatje zat. Vroeger gebruikte men vooral amalgaam, een grijs mengsel met kwik, tegenwoordig vaker composiet in tandkleur. Een vulling kan ook los raken. Het werkwoord *vullen* is regelmatig: *ik vul, ik vulde, ik heb gevuld*. In andere betekenissen zegt men ook *opvulling* of *vulsel*.

Wat is het verschil tussen een vulling en een kroon?

Een vulling vult een gaatje; een kroon bedekt de hele tand als een soort dop.

Hoe zeg je het meervoud van vulling?

Vullingen. Het meervoud wordt vaak gebruikt: ze heeft verschillende vullingen.

Bronnen

WhatsAppXTelegramFacebook

Meer woorden van 7 letters