Een verband om je arm of tussen twee feiten
Verband heeft twee hoofdbetekenissen: het windsel dat een wond bedekt, en de samenhang of relatie tussen twee zaken.
Het verband verbindt, letterlijk en figuurlijk. Een windsel om je arm is een verband, maar ook de relatie tussen roken en ziekte is een verband. Het woord laat zien hoe één begrip twee werelden kan bedienen.
- Windsel om een wond. *De arts legde een verband aan.*
- Samenhang tussen zaken. *Er is een verband tussen stress en slaap.*
- Context, zin. *In dit verband is het woord anders bedoeld.*
Vormen
| Kenmerk | Vorm | Voorbeeld |
|---|---|---|
| Lidwoord | het verband | Het verband zit goed. |
| Meervoud | verbanden | Verbanden zijn niet altijd duidelijk. |
| Verkleinwoord | verbandje | Een verbandje plakken. |
| Werkwoord | verbinden | De verpleegster verbindt de wond. |
| Samenstelling | verbanddoos | De verbanddoos hangt aan de muur. |
Zo gebruik je het in een zin
- Hij kreeg een verband om zijn knie.Medisch, alledaags.
- In verband met de storing is de lijn dicht.Formele reden, zoals bij een mededeling.
- Deze twee zaken houden geen verband met elkaar.‘Verband houden met’ is vast.
In verband met en andere uitdrukkingen
Vaste combinaties: in verband met (wegens), verband houden met (samenhangen), geen verband (los van elkaar) en dwarsverband (verbinding tussen delen). Het woord is afgeleid van verbinden: wat je verbindt, hoort bij elkaar. Een goed gelegd verband beschermt een wond en vermindert de pijn; een goed gelegd verband tussen twee feiten helpt je een betoog te volgen.
Wat is het verschil tussen verband en verbond?
Een verband is samenhang of windsel, een verbond een formele afspraak of overeenkomst.
Hoe zeg je het meervoud?
Verbanden.