Vaart: snelheid, kanaal en de beweging van schepen

Vaart betekent snelheid, vooral van een schip of voertuig, maar is ook een gegraven waterweg, vooral in Vlaanderen en Brabant.

Vaart hoort bij het werkwoord *varen*. Eerst was het de snelheid van een schip, later werd het ook elke snelheid en tenslotte de waterweg zelf. In Vlaanderen is *de vaart* een gewone naam voor een kanaal: de Zuid-Willemsvaart, de Willebroekvaart. Bij het woord denkt men aan tempo, maar het lijkt ook op spoed.

Vormen

VormWoordVoorbeeld
Zelfstandig naamwoordde vaarteen stevige vaart
Meervoudvaartenvaarten en kanalen
Verkleinwoordhet vaartjeeen vaartje maken
Verwant werkwoordvarenhij vaart
Samenstellingenvaartuig, vaarwaterhet vaarwater

Zo gebruik je het

Vaart in Nederland en België

In Nederland is *vaart* meestal een smalle gegraven waterweg of een snelheid; in België is het vaak de gewone benaming voor een kanaal. Dat zie je in plaatsnamen als *Vaartkapoen*, een bijnaam voor de inwoners van Molenbeek bij het kanaal. Het woord hoort ook in *vaarwel* en *vaarwater*: *in rustig vaarwater komen* betekent dat de problemen voorbij zijn. De uitdrukking *geen vaart achter iets zetten* bedoelt dat je het niet haast. Het werkwoord daarbij is varen.

Is vaart hetzelfde als snelheid?

Voor een schip of voertuig ja, maar vaart klinkt wat ouderwetser en maritiem.

Wat is een vaart in België?

Een gegraven waterweg of kanaal, zoals de Zuid-Willemsvaart.

Bronnen

WhatsAppXTelegramFacebook

Meer woorden van 5 letters