Dosis: hoeveel je van iets neemt
Een dosis is de hoeveelheid van een stof of middel die je tegelijk toedient of inneemt, zoals bij medicijnen. Ook: een bepaalde hoeveelheid van iets.
Een dosis is een afgemeten hoeveelheid. Het Griekse *dosis* betekent ‘gift’, en dat past: een medicijn is pas een remedie als je de goede hoeveelheid geeft. Te veel van iets goeds wordt snel schadelijk.
- Afgemeten hoeveelheid medicijn. *De dosis staat op de bijsluiter.*
- Hoeveelheid van iets abstracts. *Een flinke dosis humor.*
- Straling of gif. *De dosis die iemand opliep, was gevaarlijk.*
Dosis in vormen
| Vorm | Woord | Opmerking |
|---|---|---|
| Lidwoord | de dosis | vrouwelijk |
| Meervoud | doses | ook: dosissen (zeldzaam) |
| Verkleinwoord | het dosisje | zelden |
| Werkwoord | doseren | hij doseert, doseerde |
| Samenstelling | overdosis | ook onderdosis |
Dosis in de zin
- De arts verhoogde de dosis.Medisch; neutraal.
- Neem twee keer daags één dosis.Instructie; formeel.
- Met een dosis geduld lukt het wel.Figuurlijk; spreektaal.
Dosis, gift en remedie
Een middel dat in te hoge dosis wordt toegediend, kan een gift worden. Dat idee zit al in de oude uitspraak dat de dosis het gif maakt, die aan Paracelsus wordt toegeschreven. Een goede remedie hangt dus af van de juiste hoeveelheid. Let op: *dosis* heeft de klemtoon op de eerste lettergreep, en bij *overdosis* verschuift die niet. Bij een medicijn is het zinvol de bijsluiter te lezen en nooit zelf extra te nemen.
Wat is een overdosis?
Een te grote hoeveelheid van een stof, vaak gevaarlijk.
Wat is het meervoud?
Doses; ‘dosissen’ klinkt minder vaak.
Hoe schrijf ik dosis?
Met één s aan het einde: dosis, dus niet ‘dossis’ of ‘dosiss’.