Sultan: heerser in het Oosten

Een sultan is een moslimheerser, vooral van het Ottomaanse Rijk en van andere islamitische rijken. Het woord betekent oorspronkelijk gezag of macht.

Een sultan is een moslimvorst met een bijna onbeperkte macht in zijn eigen gebied. Het woord is Arabisch en betekent 'gezag': de titel verwijst dus naar de macht zelf. De bekendste sultans regeerden in het Ottomaanse Rijk.

Vormen

VormWoordOpmerking
Lidwoordde sultande-woord
Meervoudsultanss-uitgang
Vrouwelijksultanavrouw van een sultan
Rijksultanaatrijk van een sultan
Overigsultanalichte rozijn

Zo gebruik je het

Sultan en gezag

Het woord komt uit het Arabisch *sulṭān*, 'macht' of 'gezag'. In Indonesië, een voormalige Nederlandse kolonie, bestaan er nog steeds sultans, zoals die van Yogyakarta. De titel was meestal erfelijk. De residentie heet vaak een paleis, en veel sultans hadden hoge titels. Een koning of keizer is een vergelijkbare heerser met een andere titel. De Nederlandse taal kent het woord vooral uit het verleden, door verhalen over de Ottomanen en over Nederlands-Indië.

Is sultan hetzelfde als koning?

Het is een vergelijkbare rang, maar in de islamitische traditie.

Wat is een sultana?

Een lichte rozijn, ook als sultanarozijn bekend; ook de vrouw van een sultan.

Bronnen

WhatsAppXTelegramFacebook

Meer woorden van 6 letters