Stuur: het wiel waarmee je de richting bepaalt

Het stuur is het onderdeel waarmee je een voertuig bestuurt, zoals een stuurwiel in een auto of de stang van een fiets.

Het stuur is wat je vastpakt als je een richting kiest. In een auto is het een wiel, op een fiets een stang, en figuurlijk is wie het stuur in handen heeft degene die de koers bepaalt. Zo bepaalt het stuur de weg van een voertuig, ook van een fiets of een bromfiets.

Vormen

VormWoordVoorbeeld
Zelfstandig naamwoordhet stuurhet stuur van de auto
Meervoudsturentwee sturen
Verkleinwoordhet stuurtjezelden gebruikt
Werkwoordsturenik stuur
Verleden tijdhij stuurdezij stuurde een brief

Zo gebruik je het

Eén werkwoord, twee betekenissen

Het werkwoord *sturen* kan zowel *besturen* als *verzenden* betekenen: je stuurt een auto en je stuurt een brief. Het zelfstandig naamwoord *stuur* hoort bij de eerste betekenis, net als *stuurman*, *stuurboord* en *bestuur*. Het woord *stuurboord* komt van de roeiriem waarmee schepen vroeger werden gestuurd; die zat rechts, vandaar dat stuurboord de rechterkant van een schip is. In de auto schuilt het woord *stuurbekrachtiging* achter een gemakkelijker draaiende wiel. Een gerelateerd woord is wagen.

Is stuur hetzelfde als stuurwiel?

In een auto vaak ja. Op een fiets spreek je van stuur of stang, niet van wiel.

Waarom heet de rechterkant van een schip stuurboord?

Omdat het roeiblad waarmee men stuurde vroeger aan die kant zat.

Bronnen

WhatsAppXTelegramFacebook

Meer woorden van 5 letters