Stick: het Engelse leenwoord voor een staafje met een functie

Een stick is een staafvormig voorwerp, zoals een hockeystick, een usb-stick of een lippenstift in stickvorm. Het woord is overgenomen uit het Engels.

Een stick is een staafvormig voorwerp dat je vasthoudt of gebruikt. Stick is een leenwoord dat bijna alleen in samenstellingen leeft: je koopt zelden een stick, maar vaak een usb-stick of een deodorantstick. De uitspraak volgt het Engels.

Vormen

VormWoordOpmerking
Lidwoordde stickeen de-woord
Meervoudsticksmet -s
Verkleinwoordstickjeeen klein exemplaar
Samenstellingusb-stickdraagbaar geheugen
Samenstellinghockeystickstok om te hockeyen

Voorbeelden in een zin

Stick, stok en leenwoorden

Het Nederlandse woord voor stick is vaak stok, maar bij technische en sportwoorden blijft het Engelse woord staan: je zegt hockeystick, geen hockeystok. Een stick is meestal korter en handiger dan een stok. In de cosmetica komt het ook voor als lipstick of deostick; de Nederlandse woorden lippenstift en deodorantstift zijn wat formeler. Het woord hoort bij de groep van Engelse leenwoorden die in het Nederlands vooral samenstellingen vormen.

Hoe spreek je stick uit?

Zoals in het Engels, met een korte i en een harde k.

Wat is het verschil tussen een stick en een stok?

Een stick is meestal kleiner en heeft een vaste functie; een stok is algemener en vaak langer.

Bronnen

WhatsAppXTelegramFacebook

Meer woorden van 5 letters