Het schaap: zacht, kuddedier en zwart
Een schaap is een gedomesticeerd herkauwend dier dat wordt gehouden voor wol, vlees en melk. Het meervoud is schapen.
Het schaap is een van de oudste huisdieren van de mens. Wie 'het zwarte schaap' van de familie is, heeft nooit een zwarte wol gedragen, maar wel de reputatie dat hij anders is dan de rest. Het dier komt in veel Nederlandse uitdrukkingen terug.
- Dier met wol. *Het schaap graasde op de dijk.*
- Volgzaam persoon (figuurlijk). *Hij loopt achter iedereen aan als een schaap.*
- Gemeentelid in een kerk (oud). *De herder zorgde voor zijn schapen.*
Vormen
| Kenmerk | Vorm | Voorbeeld |
|---|---|---|
| Lidwoord | het | het schaap |
| Meervoud | schapen | tien schapen |
| Verkleinwoord | schaapje | een schaapje met een lammetje |
| Samenstelling | schaapskooi | de schaapskooi op de hei |
| Samenstelling | schaapherder | een schaapherder met zijn hond |
Schaap in een zin
- Het schaap blaatte om zijn lammetje.Beschrijvend, over het dier.
- Ik ben het zwarte schaap van de familie.Vaste uitdrukking, over een buitenbeentje.
- Ik tel schaapjes omdat ik niet kan slapen.Informeel, voor in slaap komen.
Schapen in taal en uitdrukkingen
Het meervoud *schapen* is regelmatig, met de uitgang *-en*, en de klank blijft lang. Van wol tot lam, bijna alles aan een schaap is nuttig. Een groep schapen heet kudde, en de man die ze bewaakt is de herder. Uitdrukkingen zijn er genoeg: *een verloren schaap* is iemand die van het rechte pad is geraakt, en *als er één schaap over de dam is, volgen er meer* zegt dat een voorbeeld al snel wordt nagevolgd. Het schaap is een van de weinige dieren die zowel voor wol als voor vlees en melk worden gehouden.
Wat betekent het zwarte schaap?
Het familielid of groepslid dat afwijkt van de anderen of een slechte naam heeft.
Is het schapen of schaapen?
Schapen, met één a: de klank blijft lang omdat de lettergreep open is.