Strand: waar land en zee elkaar ontmoeten
Het strand is een strook zand of kiezels langs een zee of meer. Als werkwoord betekent stranden vastlopen of aan de grond raken.
Het strand is de smalle rand waar het land overgaat in water. Het is een plek van rust en vermaak, maar ook van schipbreuk: stranden betekent letterlijk vastlopen op het strand. Het woord lijkt dus op een eenvoudige plek, maar bevat een kleine dramatiek.
- Zandstrook langs water. *We liggen de hele dag op het strand.*
- Aan de grond lopen (werkwoord). *De walvis strandde in de Waddenzee.*
- Vastlopen (figuurlijk). *De onderhandelingen strandden.*
Vormen
| Vorm | Woord | Opmerking |
|---|---|---|
| Lidwoord | het strand | het-woord |
| Meervoud | stranden | met -en |
| Verkleinwoord | strandje | gezellig klein strand |
| Werkwoord | stranden | voltooid: gestrand |
| Samenstelling | strandwandeling | wandeling langs de kust |
Zo gebruik je het
- We bouwen een zandkasteel op het strand.Vakantiebeeld in Nederland en België.
- Het schip is op een zandbank gestrand.Scheepvaart: aan de grond gelopen.
- Zij besloot dat het plan was gestrand.Figuurlijk: mislukt.
Strandjutten en de kust
In Nederland kent men *strandjutten*: het zoeken naar aangespoelde voorwerpen na een storm. Het woord *stranden* gebruikt men zowel voor schepen als voor plannen: wie strandt, komt niet verder. Aan de Belgische kust strekt het strand zich uit van De Panne tot Knokke, met veel zand en weinig keien. De zee bepaalt wat er zich afspeelt: eb en vloed trekken en verleggen de strandlijn.
Wat is het verschil tussen strand en kust?
De kust is de gehele rand van het land, het strand is de zandige strook daar.
Wat betekent 'gestrand'?
Vastgelopen, op het strand aangespoeld of niet verder gekomen.