Knal: de harde slag die je oren opmerken

Een knal is een plotselinge, harde klank, zoals bij een schot of een klappende ballon. Ook als versterking voor kleuren gebruikt: knalrood.

Een knal hoor je eerder dan je hem begrijpt. Het woord beschrijft een plotselinge, harde klank, en wie 'knalfeest' zegt, bedoelt meestal dat het ook zo'n beetje is afgelopen met de rust. Het is zowel zelfstandig naamwoord als stam van het werkwoord knallen.

Vormen

VormWoordVoorbeeld
Zelfstandig naamwoordde knalEen luide knal.
Meervoudde knallenDrie knallen na elkaar.
Verkleinwoordhet knalletjeEen knalletje uit een sigaretaansteker.
InfinitiefknallenDe kurk knalt uit de fles.
Verleden tijd / deelwoordknalde / geknald (hebben)Hij heeft de deur dichtgeknald.

Knal in een zin

Een woord met twee gezichten

Knallen kan ook ruw of vulgair worden gebruikt, namelijk voor seks. Dat is spreektaal en past niet in nette contexten. Neutraal is knallen met een pistool, met champagne of met vuurwerk. Een zachtere variant van het geluid is een klop of een tik. In samenstellingen verandert de betekenis: een knalpot dempt juist het motorgeluid, een knalgas is een explosief mengsel van waterstof en zuurstof.

Is knal- altijd een versterker?

Nee, het kan ook gewoon het geluid betekenen. Voor kleuren fungeert het als versterkend voorvoegsel: knalgeel, knalgroen, knalrood.

Schrijf je knalrood aan elkaar?

Ja. Zo'n samenstelling met knal- schrijf je aan elkaar: knalrood, knalfeest, knalgroen.

Bronnen

WhatsAppXTelegramFacebook

Meer woorden van 4 letters