Kauwen: wat je met je tanden doet voordat je slikt

Kauwen is voedsel met de tanden fijnmalen voordat je het doorslikt. Figuurlijk kun je ook op iets kauwen, in de zin van erover blijven piekeren.

Kauwen is een lichamelijke handeling die je zonder nadenken doet. Wie goed kauwt, helpt zijn maag: de spijsvertering begint in de mond. Het werkwoord is regelmatig, al roept de w in de stam soms spellingtwijfel op.

Vervoeging

VormWerkwoordVoorbeeld
InfinitiefkauwenIk moet kauwen.
Tegenwoordige tijd (hij)kauwtHij kauwt langzaam.
Verleden tijdkauwde / kauwdenZij kauwde luid.
Voltooid deelwoordgekauwdIk heb gekauwd.
HulpwerkwoordhebbenIk heb lang gekauwd.

Gebruik in zinnen

Afleidingen en verwante woorden

Het werkwoord is verwant aan het Duitse *kauen* en het Engelse *chew*. Bekende afleidingen zijn kauwgom en herkauwen. Wie veel kauwt, belast kaak en tand; ook de kaak heeft er sterke spieren voor. Let op het voltooid deelwoord: gekauwd, met een d aan het eind.

Hoe spel je het voltooid deelwoord van kauwen?

Gekauwd. De stam kauw eindigt op w, een letter die niet in 't kofschip staat; daarom komt er een d achter.

Wat betekent op iets kauwen figuurlijk?

Er veel over nadenken of erover blijven piekeren, soms ook er maar moeilijk van los komen.

Bronnen

WhatsAppXTelegramFacebook

Meer woorden van 6 letters