Een kapel is een kleine kerk, maar ook een orkest

Een kapel is een kleine ruimte of gebouw voor erediensten, vaak bij een kasteel of ziekenhuis. In Vlaanderen en Nederland is het ook een muziekgezelschap.

Een kapel is klein, maar mag niet worden onderschat. Het woord duidt een bedehuis aan dat te beperkt is voor een volwaardige parochie, en ook een gezelschap muzikanten. Beide betekenissen hebben dezelfde wortel, al zie je dat aan het woord niet meer terug.

Vormen van kapel

VormWoordVoorbeeld
Lidwoordde kapelGeslacht: de-woord
MeervoudkapellenTwee kapellen
VerkleinwoordkapelletjeEen kapelletje in het bos
AfleidingkapelaanPriester die helpt in een parochie
SamenstellingkapelmeesterDirigent van een kapel

Kapel in de praktijk

Waar komt kapel vandaan?

Het woord stamt uit het middeleeuwse Latijn *cappella*, 'mantelkapje', een verkleinwoord van *cappa*, 'mantel'. De naam gaat terug op de mantel van de heilige Martinus, die in een kleine schrijn werd bewaard. Van de ruimte voor die relikwie ging de naam over op elke kleine gebedsplaats. Hij is verwant aan het Engelse *chapel*, en een grotere gebedsruimte heet gewoon kerk. Op een groot kasteel hoort bijna altijd een eigen kapel.

Is kapel een de- of het-woord?

Een de-woord: de kapel. Het meervoud is kapellen.

Wat betekent kapel in muziek?

Een groep muzikanten, zoals een fanfare of een blaaskapel; het woord is vooral in België gebruikelijk.

Bronnen

WhatsAppXTelegramFacebook

Meer woorden van 5 letters