Wat betekent kammen? Haar, wol en een zoekactie

Kammen is haar of andere vezels met een kam ontwarren en glad strijken. Het is ook het meervoud van het zelfstandig naamwoord kam.

Kammen is een werkwoord dat je bijna dagelijks gebruikt, vaak zonder erbij na te denken. Wie kamt, brengt orde aan: elke tand van de kam schuift één haar of vezel op zijn plek. Het woord heeft ook een vakmatige en een overdrachtelijke kant, want niet alleen haar wordt gekamd.

Vervoeging

VormWerkwoordVoorbeeld
InfinitiefkammenIk wil mijn haar kammen.
Tegenwoordige tijd (hij)kamtHij kamt zijn baard.
Verleden tijdkamde / kamdenZij kamde het paard.
Voltooid deelwoordgekamdZe heeft het uitgekamd.
HulpwerkwoordhebbenIk heb gekamd.

Zo gebruik je het in een zin

Herkomst en verwante woorden

Het woord gaat terug op het Germaanse *kambaz*, dat we ook kennen in het Engelse *comb* en het Duitse *Kamm*. Een bergkam heeft zijn naam te danken aan dezelfde gedachte: de rij pieken lijkt op de tanden van een kam. Wie het van dichtbij wil zien, bezoekt een kapper of leest over het kapsel dat daaruit volgt.

Is kamde of kampte de goede vorm?

Voor kammen is de verleden tijd kamde. De stam eindigt op een m, dus de uitgang is -de.

Wat is het verschil tussen kammen en borstelen?

Een kam heeft losse tanden en ontwart; een borstel heeft haren of draadjes en strijkt glad. In het dagelijks leven loopt dat door elkaar.

Bronnen

WhatsAppXTelegramFacebook

Meer woorden van 6 letters