Haken en ogen: alles wat er aan een haak hangt

Een haak is een gebogen stukje metaal of ander materiaal waaraan je iets ophangt of vastmaakt. Figuurlijk is een haak een addertje onder het gras.

Een haak is een gebogen voorwerp waaraan je iets kunt ophangen of waarmee je iets kunt vangen. Wie zegt dat er 'haken en ogen aan zitten', waarschuwt dat een mooi plan toch problemen kent, en haalt daarmee het beeld van het sluitwerk van een jurk erbij. Het woord leeft dus in zowel de kledingkast als de spreektaal.

Vormen

VormWoordOpmerking
Lidwoordde haakAltijd 'de'.
MeervoudhakenHet meervoud lijkt op het werkwoord haken.
VerkleinwoordhaakjeOok het leesteken ( ).
WerkwoordhakenOok: breien met een haaknaald, of verlangen.
Samenstellingvishaak, kapstokhaakVeelgebruikt.

Haak in een zin

Haakje, haken en haaks

Het verkleinwoord haakje heeft een eigen leven: 'tussen haakjes' betekent zowel 'tussen de leestekens' als 'overigens'. Het werkwoord *haken* kan 'breien met een naald' betekenen, maar ook 'verlangen naar', zoals in 'haken naar thuis'. Een rechte hoek heet ook 'haaks', en een knoop en een haak zijn een tweeling in de kleding.

Wat is het verschil tussen haak en haakje?

Een haak is het voorwerp, een haakje het leesteken of een klein haakje.

Wat betekent 'tussen haakjes'?

Letterlijk: tussen ( ). Vaak ook als tussenvoegsel: 'tussen haakjes, ik ben ziek'.

Hoe spel je 'haaks'?

Met aa: de s is een achtervoegsel bij het bijvoeglijk naamwoord.

Bronnen

WhatsAppXTelegramFacebook

Meer woorden van 4 letters