Een gebrek hebben aan iets: wat het woord alles kan betekenen
Een gebrek is een tekort aan iets nodigs, of een fout of afwijking in een persoon of voorwerp.
Een gebrek is iets wat ontbreekt. Wie gebrek lijdt, heeft niet genoeg om van te leven, terwijl een gebrek in een machine gewoon een defect is. Het woord hoort bij *breken*: wat gebroken is, mist iets.
- Tekort aan iets. *Er is gebrek aan water.*
- Armoede. *In de oorlog leed het gezin gebrek.*
- Fout of afwijking. *Het apparaat heeft een gebrek.*
- Karakterzwakte. *Ongeduld is zijn grootste gebrek.*
Vormen
| Kenmerk | Vorm | Voorbeeld |
|---|---|---|
| Lidwoord | het | het gebrek |
| Meervoud | gebreken | verborgen gebreken |
| Verkleinwoord | gebrekje | een klein gebrekje |
| Bijvoeglijk | gebrekkig | gebrekkige kennis |
| Vaste combinatie | bij gebrek aan | bij gebrek aan bewijs |
Gebrek in een zin
- Door gebrek aan slaap kon hij niet werken.Veelgebruikt, vaak met 'aan'.
- Bij gebrek aan beter nam ze maar een broodje.Alledaags en wat ironisch.
- De koper meldde een verborgen gebrek aan het huis.Juridisch: bij verkoop van woningen.
Gebrek, tekort en gemis
Een tekort is vooral een kwestie van hoeveelheid, een gebrek is breder en kan ook een eigenschap zijn. Een *gemis* heeft juist een emotionele kleur. Het bijvoeglijk naamwoord *gebrekkig* betekent 'onvolledig' of 'slecht', zoals in *gebrekkig Nederlands*. Een mooie vaste uitdrukking is *bij gebrek aan*, die vooral in de rechtspraak voorkomt: bij gebrek aan bewijs wordt iemand vrijgesproken. Voor lichamelijke afwijkingen was *gebrek* vroeger gewoon, maar tegenwoordig wordt *beperking* vaak als vriendelijker gezien.
Wat is het verschil tussen gebrek en tekort?
Een tekort gaat om te weinig van iets, een gebrek kan ook een defect of karakterzwakte zijn.
Is gebrek lichamelijk of algemeen?
Algemeen: het kan zowel een lichamelijke afwijking, een fout in een product als een gemis zijn.