Glorie: roem die schittert
Glorie is grote eer en schittering, vooral door een prestatie of een lange traditie.
Glorie is een plechtig woord voor roem en luister. Het Latijnse *gloria* betekende 'eer', en dat is nog steeds de kern van het Nederlandse woord. Het klinkt nu vooral plechtig en wordt graag ironisch gebruikt.
- Grote eer en luister. *De glorie van het Romeinse Rijk.*
- Schittering of pracht. *De zon ging in volle glorie onder.*
- Succesvolle periode. *Zij beleefden hun glorietijd in de jaren zeventig.*
Vormen
| Kenmerk | Vorm | Voorbeeld |
|---|---|---|
| Lidwoord | de | de glorie |
| Meervoud | niet gebruikelijk | de glorie van het verleden |
| Bijvoeglijk | glorieus | een glorieuze overwinning |
| Samenstelling | glorietijd | de glorietijd van de club |
| Vaste combinatie | in volle glorie | in volle glorie terugkeren |
Glorie in een zin
- Het stadion stond weer in volle glorie.Plechtig of enthousiast.
- Hij kijkt terug op de glorie van vroeger.Nostalgisch.
- Het was een glorieuze dag voor de club.Het bijvoeglijk naamwoord glorieus: plechtig of ironisch.
Glorie, roem en eer
Glorie ligt dicht bij roem en eer, maar heeft een eigen kleur. Roem gaat over bekendheid, eer over waardering of aanzien, en glorie over luister en schittering. In het Nederlands spreken we van *oude glorie* wanneer iets zijn beste tijd gehad heeft, bijvoorbeeld een club die vroeger kampioen was. Het woord komt ook voor in kerkelijke en religieuze taal: *Gloria in excelsis Deo*, 'Eer aan God in den hoge'. In de spreektaal gebruikt men glorie vaak ironisch.
Is glorie hetzelfde als roem?
Bijna: glorie benadrukt de luister, roem de bekendheid.
Heeft glorie een meervoud?
Nee, glorie is een abstract woord zonder meervoud.