Dal: tussen twee bergen of tussen twee pieken

Een dal is een laagte tussen bergen of heuvels. Figuurlijk is het een lage periode: een dal in de verkoop of in je prestaties.

Een dal is wat overblijft als twee hoogtes uit elkaar liggen. Het kan een groen alpendal zijn of een moeilijke periode in je leven. Beide betekenissen delen het beeld van een lage plek tussen twee hogere.

Vormen

VormWoordVoorbeeld
Lidwoordhet dalHet dal is smal.
MeervouddalenGroene dalen.
Werkwoorddalende prijs daalt, daalde, is gedaald
Samenstellingdaluren, dalendGoedkoper tijdstip.

Dal in een zin

Dal en dalen

Het zelfstandig naamwoord *dal* en het werkwoord *dalen* horen bij elkaar: een dal is een plek waar het land daalt. In het openbaar vervoer spreekt men van daluren: de tijden buiten de spits waarin het rustiger is. Ook beurskoersen kennen pieken en dalen. Een dal kan diep zijn of juist breed en vlak; het tegenovergestelde van een dal is een piek of top. Het woord is verwant aan het Engelse *dale* en het Duitse *Tal*. Het tegenovergestelde van een dal is een piek, en in de economie spreken analisten van een dal wanneer de koersen tijdelijk laag staan. Een crisis heeft meestal een duidelijk dal voordat het herstel begint.

Is dal een de- of het-woord?

Het dal.

Wat zijn daluren?

De uren buiten de spits, waarin vervoer of energie goedkoper is.

Wat is het meervoud van dal?

Dalen, zoals het werkwoord.

Bronnen

WhatsAppXTelegramFacebook

Meer woorden van 3 letters