Diep of ondiep? Een woord met veel diepgang
Diep betekent: ver naar beneden of naar binnen reikend, of figuurlijk intens en grondig. Het is een bijvoeglijk naamwoord en bijwoord.
Het woord diep beschrijft alles wat ver omlaag of naar binnen reikt, van een put tot een gevoel. Wie diep in de put zit, heeft het zwaar, ook al ligt er geen put in de buurt. Het woord is verwant aan het Engelse *deep* en het Duitse *tief*, en komt in het Nederlands zowel als bijvoeglijk naamwoord als als bijwoord voor.
- Ver naar beneden of naar binnen. *Een diepe put.*
- Intens of grondig. *Diep nadenken.*
- Laag van toon. *Een diepe stem.*
- Als zelfstandig naamwoord. *Het diepe van het zwembad.*
Vormen
| Vorm | Woord | Voorbeeld |
|---|---|---|
| Stellende trap | diep | Het water is diep. |
| Verbogen vorm | diepe | Een diepe put. |
| Vergrotende trap | dieper | Dieper dan verwacht. |
| Overtreffende trap | diepst | Het diepste punt. |
Diep in een zin
- De sloot is niet diep.Predicatief gebruik, zonder -e.
- Ze zucht diep.Hier bijwoord; ‘diep’ blijft onverbogen.
- Dit is het diepste meer van het land.Let op de -st van de overtreffende trap en de -e bij een het-woord met lidwoord.
Uitdrukkingen met diep
- Diep in de put zitten is somber of ontmoedigd zijn.
- Diep in de buidel tasten is veel geld betalen.
- Diep van binnen wil zeggen: eigenlijk, in je hart.
- Het zelfstandig naamwoord is diepte; het tegendeel van de diepte is hoogte.
Wanneer schrijf je diepe met -e?
Bij een de-woord of een meervoud: *een diepe put*, *diepe wateren*; maar *het water is diep*.
Wat is het zelfstandig naamwoord bij diep?
Dat is *diepte*; in een zwembad spreek je ook van ‘het diepe’.