Chirurg: de arts die met de hand werkt

Een chirurg is een arts die patiënten behandelt door te opereren. Het woord komt uit het Grieks en betekent 'handwerker'.

Een chirurg opereert, dat is de kern van het vak. Het woord betekent letterlijk 'iemand die met de hand werkt'. Het gaat om een gespecialiseerde arts met jarenlange opleiding.

Vormen en uitspraak

VormTekstOpmerking
lidwoordde chirurgmannelijk of vrouwelijk
meervoudchirurgenaltijd -en
uitspraaksjie-ruurgch klinkt als sj
samenstellinghartchirurgspecialist
verwantchirurgiehet vakgebied

Zo gebruik je het

Grieks voor handwerk

Het Griekse *cheirourgos* is samengesteld uit *cheir* ('hand') en *ergon* ('werk'). Daarom is een chirurg eigenlijk een 'handwerker'. In de middeleeuwen was het beroep van barbier-chirurg verbonden met het knippen van haar en aderlaten. Tegenwoordig is een chirurg een erkende medisch specialist. Die kun je niet verwarren met een dokter die slechts adviseert; een chirurg ziet vaak patiënten die door de huisarts zijn doorverwezen. Ook de arts in de operatiekamer heet formeel chirurg. Een chirurg werkt in een team met een anesthesist en operatieassistenten; dankzij de gezamenlijke inzet gaan operaties veel veiliger dan een eeuw geleden.

Hoe spreek je chirurg uit?

Als 'sjie-ruurg', met de nadruk op de tweede lettergreep.

Wat is het verschil tussen een chirurg en een huisarts?

Een chirurg opereert, een huisarts is een eerste aanspreekpunt.

Hoe lang duurt de opleiding?

Zes jaar geneeskunde, gevolgd door meerdere jaren specialisatie.

Bronnen

WhatsAppXTelegramFacebook

Meer woorden van 7 letters