Boor of boer? Het gereedschap dat gaten maakt

Een boor is een gereedschap of machine om gaten te maken in hout, steen of metaal. Het werkwoord is boren.

Een boor is een scherp, vaak spiraalvormig stuk gereedschap waarmee je een gat in hout, steen of metaal maakt. Het Engelse *boor* betekent een onbeschofte vent, en dat woord komt van het Nederlandse *boer*, niet van *boor*: een flinke valkuil.

Vormen van het woord

VormWoordVoorbeeld
Lidwoordde boorDe boor draait snel.
Meervoudde borenEen set boren.
WerkwoordborenIk boor een gat.
Verleden tijdboordeHij boorde door de muur.
Voltooid deelwoordgeboord (hebben)Ze heeft een gat geboord.

Zo gebruik je het in een zin

Boor, boren en het valse Engelse ‘boor’

Wat is het verschil tussen boor en boren?

*Boor* is het zelfstandig naamwoord (het gereedschap), *boren* is het werkwoord én het meervoud van boor.

Is een boor hetzelfde als een boormachine?

Niet precies: de boor is het stuk dat draait, de boormachine de aandrijving. In het dagelijkse taalgebruik worden ze wel door elkaar gebruikt.

Bronnen

WhatsAppXTelegramFacebook

Meer woorden van 4 letters