Baker: wie is dat en waar komt de bakermat vandaan?
Een baker is een vrouw die vroeger de kraamvrouw en de pasgeborene verzorgde. Het woord leeft vooral voort in bakermat en in bakerpraatjes.
Een baker was vroeger de vrouw die een bevalling bijstond en daarna voor moeder en kind zorgde. Het woord is bijna verdwenen uit de dagelijkse taal, maar het leeft voort in bakermat en bakerpraatjes. Wie die woorden kent, hoort er nog een heel stuk volksgeschiedenis in.
- Kraamverzorgster (verouderd). *De baker kwam dagelijks langs.*
- Vrouw die een pasgeboren kind inbakert (verouderd). *De baker wikkelde het kind stevig in doeken.*
- Als eerste deel van samenstellingen. *Bakermat, bakerpraatje, bakerkind.*
Vormen
| Vorm | Woord | Voorbeeld |
|---|---|---|
| Lidwoord | de baker | De baker liep het huis binnen. |
| Meervoud | bakers | Bakers kwamen aan huis. |
| Verkleinwoord | bakertje | Een bakertje is zeldzaam. |
| Werkwoord | bakeren | Zij bakert het kind in. |
| Samenstelling | bakermat | De bakermat van de democratie. |
Voorbeelden uit het heden en verleden
- Griekenland geldt als de bakermat van de democratie.Gewoon geschreven en nog altijd gangbaar.
- Dat zijn bakerpraatjes, daar is niets van waar.Informeel: kletsverhalen die al generaties rondgaan.
- De baker verzorgde de moeder tien dagen lang.Historisch of regionaal; nu zegt men kraamverzorgster.
Herkomst: de wieg en de doeken
Het woord *baker* hangt samen met *bakeren*: een baby stevig in doeken wikkelen, zoals je vroeger deed. Een bakermat is dus letterlijk de wieg van het kind en figuurlijk de plaats waar iets ontstaat. Bakerpraatjes zijn de verhalen die de bakers en andere oudere vrouwen aan de wieg vertelden, en daarom ook het soort onbetrouwbare verhalen dat van mond tot mond gaat.