Argwaan: een slechte gedachte over iemand
Argwaan is het gevoel dat er iets niet klopt, of dat iemand iets verbergt. Het is een mildere vorm van wantrouwen die vaak eerst een vermoeden is.
Wie argwaan heeft, vertrouwt iets niet helemaal. Het woord is een samenstelling van arg en waan: letterlijk een slechte, kwade mening. Daarmee wijst de taal zelf al aan dat het om een negatieve verwachting gaat.
- Wantrouwen. *Zijn plotselinge vriendelijkheid wekte argwaan.*
- Vermoeden dat er iets mis is. *Ze koesterde argwaan tegenover de nieuwe buurman.*
Vormen
| Kenmerk | Vorm | Opmerking |
|---|---|---|
| Lidwoord | de argwaan | de-woord |
| Meervoud | β | komt niet voor |
| Bijvoeglijk | argwanend | vol argwaan |
| Bijwoord | argwanend | hij keek argwanend |
| Vaste combinatie | argwaan wekken | verdenking oproepen |
Zo gebruik je het
- De politie voelde argwaan bij zijn verhaal.Formeel, journalistiek.
- Ze keek hem argwanend aan.Bijwoordelijk gebruik.
- Je moet niet te snel argwaan krijgen.Je-vorm: vaste combinatie met *krijgen* of *koesteren*.
Herkomst en nuance
Het eerste deel *arg* betekende in het Middelnederlands "slecht, kwaadaardig", zoals nog in *arglistig* en *argeloos*. Het tweede deel *waan* is een oud woord voor "mening, verwachting". Zo betekent argwaan dus "kwade verwachting". Het woord is intenser dan twijfel, maar mildder dan een formele verdenking. In de dagelijkse taal zeg je ook *wantrouwen* of *achterdocht*. Het gaat bij argwaan altijd om een gevoel, niet om bewijs.
Is argwaan hetzelfde als wantrouwen?
Bijna. Argwaan is vaak een eerste vermoeden, wantrouwen een bestendiger houding.
Heeft argwaan een meervoud?
Nee, het woord wordt alleen in het enkelvoud gebruikt.
Welke werkwoorden horen bij argwaan?
Je koestert, voelt of krijgt argwaan, en je wekt argwaan bij een ander. Het eerste is een gevoel, het tweede een effect op iemand anders.