Na afloop van de wedstrijd: wat betekent afloop precies?
Afloop is het einde of de uitkomst van iets, zoals een evenement of een gebeurtenis. Het woord komt vooral voor in de uitdrukking na afloop.
De afloop is het moment waarop iets eindigt, of de manier waarop het afloopt. Na afloop is een van de meest gebruikte voorzetselgroepen van het Nederlands: het betekent gewoon: nadat het voorbij is. Het is een de-woord en heeft geen gewoon meervoud.
- Einde. *Na afloop van de vergadering gaan we borrelen.*
- Uitkomst. *De afloop was gelukkig goed.*
- Verloop. *Het is afwachten wat de afloop wordt.*
Vormen
| Vorm | Voorbeeld | Opmerking |
|---|---|---|
| de afloop | een gelukkige afloop | de-woord |
| geen meervoud | de afloop | vrijwel altijd enkelvoud |
| aflopen | ik loop af | scheidbaar werkwoord |
| liep af | het liep af | verleden tijd |
| afgelopen | afgelopen week | ook bijvoeglijk gebruikt |
Afloop in een zin
- Na afloop is er koffie en thee.Veelgebruikte aankondiging bij een bijeenkomst.
- De afloop van de zaak is nog onzeker.Uitkomst; formeel.
- Het contract loopt af op 31 december.Werkwoordsgebruik: eindigen.
Afloop of einde?
Een eind is een punt, de afloop is het geheel van wat voor dat punt gebeurt of wat het resultaat is. Zo kun je zeggen: een goede afloop betekent dat het goed eindigt. Het voltooid deelwoord *afgelopen* kan ook 'verleden' betekenen: afgelopen zomer. Wie spreekt over de afloop van een proces, bedoelt vaak de uitslag of de eindfase. Het woord is een afleiding van aflopen: 'ten einde lopen'.
Wat is het verschil tussen afloop en uitslag?
Uitslag is het formele resultaat, afloop is breder en kan ook de gang van zaken omvatten.
Wat betekent afgelopen?
Het kan 'voorbij' betekenen, of 'direct voorafgaand': afgelopen week.