De zweep: een slagwerktuig met een lange geschiedenis
Een zweep is een lange, buigzame stok of riem met een koord eraan, waarmee je dieren aanspoort of slaat. Het woord wordt ook figuurlijk gebruikt voor dwang.
Een zweep is een buigzaam werktuig met een handvat en een lange lus of riem, waarmee je dieren kunt aansporen. Het knallende geluid van een zweep ontstaat doordat het uiteinde sneller beweegt dan de snelheid van het geluid. Het woord heeft daarnaast een figuurlijke kant: wie onder de zweep staat, wordt tot hard werken gedwongen.
- Slagwerktuig. *De koetsier knalde met zijn zweep.*
- Middel om aan te sporen. *De zweep van de deadline.*
- Werkwoord (zwepen). *De wind zweepte de regen tegen het raam.*
Vormen
| Vorm | Voorbeeld | Opmerking |
|---|---|---|
| de zweep | de zweep in de hand | de-woord |
| de zwepen | drie lange zwepen | meervoud op -en |
| het zweepje | een zweepje voor het paard | verkleinwoord |
| zwepen | hij zweept, zweepte, heeft gezweept | regelmatig werkwoord |
| zweepslag | een zweepslag in de nek | samenstelling |
De zweep in de praktijk
- De ruiter hief de zweep, maar sloeg het paard niet.Letterlijk gebruik, vooral in de paardensport.
- De stakingsdreiging zweepte de onderhandelaars op.Figuurlijk: opzwepen betekent opjagen of opwinden.
- De orkaan zweepte de golven tot meters hoog.Beeldspraak voor een zeer krachtige beweging.
Verwante woorden
- Opzwepen: iemand of een menigte sterk opwinden.
- Zweepslag: de slag van een zweep, ook een medische term bij een nekletsel.
- Zweepdiertjes: eencellige organismen met een of meer zweephaartjes waarmee ze zwemmen.
- Zweepstaart: een staart die op een zweep lijkt.
Hoe spreek je zwepen uit in het verleden?
Het is een regelmatig werkwoord: ik zweepte, wij zweepten, hij heeft gezweept.
Is de zweep verwant aan het werkwoord zwiepen?
Waarschijnlijk wel; beide woorden hebben met een snelle, buigende beweging te maken. De slag van een zweep is er het resultaat van.