Week: zeven dagen, maar ook 'zacht' en een verleden tijd

Een week is een periode van zeven dagen. Het is ook een bijvoeglijk naamwoord voor zacht en de verleden tijd van wijken.

Een week is een periode van zeven dagen die in Nederland en Vlaanderen op maandag begint. Het woord *week* kan daarnaast 'zacht' of de verleden tijd van 'wijken' zijn: drie woorden, één klank. Zo kan 'de week was week' een heel verhaal zijn.

Vormen

VormWoordVoorbeeld
Tijdde weekEen mooie week.
MeervoudwekenTwee weken.
VerkleinwoordweekjeEen weekje weg.
Bijvoeglijkweek, wekeEen weke massa.
Verleden tijdweekHij week uit.

Voorbeeldzinnen

Week in week uit

Begint de week op maandag of zondag?

In Nederland en Vlaanderen is maandag de eerste dag volgens de ISO-norm, al beginnen sommige kalenders met zondag.

Is 'week' hetzelfde als 'zacht'?

Nee. Het zijn aparte woorden die toevallig hetzelfde klinken en op dezelfde manier worden gespeld.

Bronnen

WhatsAppXTelegramFacebook

Meer woorden van 4 letters