Tractor of trekker? Het landbouwvoertuig in twee gedaanten
Een tractor is een krachtig motorvoertuig met grote wielen dat op de boerderij wordt gebruikt om machines en aanhangers te trekken.
Een tractor is een zware motor op wielen om andere werktuigen mee te trekken. Nederlandse boeren zeggen zelden tractor; zij praten over hun trekker. Het woord klinkt dan ook wat formeler en technischer, alsof het uit een handleiding komt, terwijl trekker bij de koffie op het erf past.
- Een landbouwvoertuig. *De tractor reed over het veld.*
- Een sleper op de weg. *Een tractor met aanhanger blokkeerde de weg.*
- Een bouwmachine (soms). *De tractor trok de zware ploeg.*
Vormen
| Kenmerk | Vorm | Voorbeeld |
|---|---|---|
| Lidwoord | de tractor | De tractor start niet. |
| Meervoud | tractoren / tractors | De tractoren stonden in rij. |
| Verkleinwoord | tractortje | Een speelgoedtractortje. |
| Synoniem | trekker | Hij rijdt op de trekker. |
| Samenstelling | tractorband | Een tractorband is enorm. |
Zo gebruik je het in een zin
- De tractor bleef steken in de klei.Neutrale, schrijftaal.
- Een tractor met aanhanger op de rijksweg.Typisch verkeersbericht.
- Hij kocht een tweedehands tractor.Algemeen; boeren zeggen ‘trekker’.
Tractor en trekker
Tractor komt uit het Latijn *trahere*, 'trekken', via het Engels. De volksere naam trekker is een eigen Nederlandse vorming van hetzelfde werkwoord. Beide woorden betekenen precies hetzelfde, maar trekker klinkt natuurlijker op het platteland, tractor in een krant of handleiding. In België zeg je meestal ook 'tractor', maar je hoort 'trekker' evenzeer.
Is trekker hetzelfde als tractor?
Ja, het is hetzelfde voertuig. Trekker is de spreektaal, tractor de standaardterm.
Wat is het meervoud van tractor?
Zowel tractoren als tractors komen voor; tractoren is de gangbare vorm.