Theater: de plek waar je kijkt
Theater is de kunst van het toneelspel, het gebouw waar voorstellingen plaatsvinden, en in spreektaal ook een flink gedoe.
Theater is zowel een kunstvorm als een gebouw. Het Oudgriekse theatron betekent plaats om te kijken, en dat is precies wat een theater is: een plek waar mensen samenkomen om te kijken. Daarnaast gebruik je het woord in spreektaal voor drukte of ophef. Via het Latijnse theatrum en het Franse théâtre kwam het in het Nederlands terecht, waar de oudere vorm schouwburg nog steeds wordt gebruikt.
- Gebouw voor voorstellingen. *We gaan vanavond naar het theater.*
- Kunstvorm van het spel. *Zij studeert theater aan de academie.*
- Spreektaal: gedoe. *Wat een theater om niets!*
Vormen en samenstellingen
| Vorm | Woord | Toelichting |
|---|---|---|
| Enkelvoud | het theater | Het-woord. |
| Meervoud | de theaters | Gewoon -s. |
| Verkleinwoord | het theatertje | Klein theater. |
| Samenstelling | theatergroep | Gezelschap van acteurs. |
| Samenstelling | theaterzaal | Zaal in een theater. |
Zo gebruik je het in een zin
- Het theater bood plaats aan achthonderd mensen.Gebouw.
- Hij maakt van alles een heel theater.Spreektaal: overdrijven.
- De voorstelling past goed in het hedendaagse theater.Kunstvorm; zie ook [toneel](/dictionary/toneel).
Theater, schouwburg en toneel
- Theater — het algemeenste woord, voor gebouw en kunst
- Schouwburg — vooral een gebouw voor toneel, ook als stadsfunctie
- Toneel — het podium of de dramakunst
- Podium — het verhoogde deel waarop wordt gespeeld
Wat is het verschil tussen een theater en een schouwburg?
Hoofdzakelijk gebruik: schouwburg is wat ouderwetser en wordt vooral voor stadsgebouwen gebruikt. In België zeg je ook schouwburg.
Waarom zeg je wat een theater?
Omdat een overdreven reactie lijkt op een toneelstuk: te groots voor de aanleiding.