Stroop: stroopwafel, siroop en iemand om de mond smeren
Stroop is een dikke, plakkerige, zoete vloeistof, gemaakt van suikerbieten, appels of suikerriet. Het woord komt ook voor in de uitdrukking stroop om de mond smeren.
Stroop is een dik, kleverig product dat je op brood kunt smeren. Het is de basis van de stroopwafel, het bekendste Nederlandse gebakje dat volgens de overlevering in Gouda werd uitgevonden. Het woord roept direct plakkerigheid en zoetheid op.
- Dikke zoete siroop. *Appelstroop op brood.*
- Basis van een koek (samenstelling). *Een stroopwafel bij de koffie.*
- Vleierij (uitdrukking). *Iemand stroop om de mond smeren.*
Vormen
| Vorm | Woord | Opmerking |
|---|---|---|
| Lidwoord | de stroop | de-woord |
| Meervoud | stropen | zelden gebruikt |
| Verkleinwoord | stroopje | een klein beetje stroop |
| Samenstelling | stroopwafel | koek met stroopvulling |
| Samenstelling | appelstroop | stroop van appels |
Zo gebruik je het
- Ik wil graag stroop op mijn pannenkoek.Veelgebruikt, vooral in Nederland.
- Hij smeerde haar stroop om de mond.Flatteren om iets gedaan te krijgen.
- In België eet men vooral Luikse stroop.Regionaal: appel-perenstroop.
Stroop en vleierij
De uitdrukking *iemand stroop om de mond smeren* betekent iemand vleien met zoete woorden zodat hij of zij iets doet. Het beeld is eenvoudig: wie stroop om de mond heeft, kan niet kritisch spreken. Het werkwoord smeren komt dus vooral voor in deze figuurlijke betekenis. Stroop wordt gemaakt door suiker of vruchtensap in te koken. Het product is dikker dan siroop en wordt vooral in Nederland op brood gesmeerd.
Wat is het verschil tussen stroop en siroop?
Stroop is dikker; in België worden de woorden soms door elkaar gebruikt.
Waar komt de stroopwafel vandaan?
Volgens de overlevering uit Gouda, aan het eind van de achttiende eeuw.