Schade: wat kapot gaat, kost geld
Schade is het nadeel of verlies dat iemand lijdt door een ongeval, een fout of een handeling van een ander.
Een schade begint meestal met een ongeluk. Wie schade lijdt, verliest iets dat hij had: geld, gezondheid, goede naam of een heel product. Het woord komt vaak voor in contracten, verzekeringen en nieuwsberichten over rampen.
- Beschadiging of verlies. *De storm veroorzaakte veel schade.*
- Nadeel of letsel. *Hij liep geen blijvende schade op.*
- Financieel verlies. *De schade werd door de verzekering vergoed.*
- Nadeel voor iemands belang. *Zijn uitspraken deden de club schade.*
Vormen
| Kenmerk | Vorm | Voorbeeld |
|---|---|---|
| Lidwoord | de | de schade |
| Meervoud | schades | zelden gebruikt |
| Werkwoord | schaden | dat schaadt je gezondheid |
| Samenstelling | schadevergoeding | een schadevergoeding eisen |
| Samenstelling | autoschade | autoschade melden |
Schade in een zin
- De schade aan het dak is aanzienlijk.Neutraal, bij nieuws of verzekeringen.
- Wie schade veroorzaakt, moet die vergoeden.Juridische formulering.
- Roken schaadt je gezondheid.Werkwoordelijke vorm, vaak op waarschuwingen.
Valse vriend: Duits schade
Een Duitser die *schade!* zegt, bedoelt 'wat jammer!'. In het Nederlands betekent *schade* echter niets onschuldigs: er is iets stukgegaan. Beide woorden zijn verwant en gaan terug op een oud Germaans woord voor letsel, maar ze zijn uiteengegroeid. In het Nederlands vallen onder schade zowel een bekrast dak als een verloren inkomen. Voor de kosten gebruik je *schadepost*, voor de vergoeding *schadevergoeding*. De kosten die je maakt om de schade te herstellen, heten herstelkosten, en het verlies kan ook niet-materieel zijn, zoals reputatieschade.
Is schade enkelvoud of meervoud?
Meestal enkelvoud: de schade. Het meervoud schades komt zelden voor.
Wat betekent schade in het Duits?
Het Duitse schade betekent jammer. Het is een valse vriend voor Nederlandstaligen.