Koets: de postkoets van vroeger
Een koets is een overdekt, door paarden getrokken voertuig voor personen. Het woord is ouder dan de auto en komt in historische verhalen vaak voor.
Een koets is een gesloten rijtuig met wielen, getrokken door paarden. Het woord herinnert aan een Hongaars dorp: Kocs, waar zulke wagens in de vijftiende eeuw werden gebouwd. Wie het woord hoort, ziet meteen een sprookje of een historische film voor zich. Koetsen waren lang het vervoer van rijke mensen, terwijl gewone reizigers liepen of de postkoets namen.
- Overdekt rijtuig. *De koningin reed in een gouden koets.*
- Postkoets. *De reizigers wachtten op de koets.*
Vormen van koets
| Vorm | Woord | Voorbeeld |
|---|---|---|
| Lidwoord | de koets | Geslacht: de-woord |
| Meervoud | koetsen | Drie koetsen |
| Verkleinwoord | koetsje | Een klein koetsje |
| Samenstelling | koetsier | Degene die de paarden bestuurt |
| Samenstelling | postkoets | Voor reizigers en brieven |
Koets in een zin
- De bruid kwam aan in een witte koets.Feestelijk; vaak bij huwelijken.
- De koetsier knalde met de zweep.Historisch en literair.
- In de zeventiende eeuw reisde men per koets.Historisch; geschiedenisles.
Van Kocs naar koets
De naam kwam via het Duits (*Kutsche*) in het Nederlands terecht, en gaat terug op het Hongaarse *kocsi*, 'uit Kocs'. Ook het Engelse *coach* en het Franse *coche* hebben dezelfde herkomst, en zo is de coach van een voetbalploeg een verre achterneef van de koets. In dezelfde familie hoort het ruimere woord rijtuig, en de trekkracht kwam van een paard of meerdere paarden.
Wat is het verschil tussen een koets en een kar?
Een koets is overdekt en voor personen; een kar is open en dient voor vracht.
Is koets een de- of het-woord?
Een de-woord: de koets.