Keer: hoe vaak, welke kant en wat te doen?
Een keer is een gelegenheid of herhaling; het woord telt hoe vaak iets gebeurt. Het is ook de gebiedende wijs van het werkwoord keren.
Een keer telt hoe vaak iets gebeurt of gebeurde. In de wiskunde zeggen we 'twee keer drie' en kunnen we ook 'twee maal drie' zeggen, maar in de omgangstaal is keer veel gebruikelijker. Het woord is verwant aan het werkwoord keren: een keer is een omdraaiing.
- Gelegenheid of herhaling. *Ik heb haar één keer gezien.*
- Vermenigvuldiging. *Twee keer vier is acht.*
- Wending of ommekeer. *Het gesprek nam een keer.*
Vormen van keer
| Vorm | Woord | Voorbeeld |
|---|---|---|
| Lidwoord | de keer | Een eerste keer. |
| Meervoud | keren | Meerdere keren. |
| Na getal | keer | Drie keer. |
| Werkwoord | keren | Keer om! |
| Samenstelling | keerpunt, keerzijde | De keerzijde van de medaille. |
Keer, maal en keren
- Ik ga een keer naar Parijs.In België zeg je ook 'ne keer', dialectisch voor 'eens'.
- Het is de derde keer dat ze belt.Telwoord plus enkelvoud: 'keer'.
- Keer op keer faalde hij.Herhaling; benadrukt het volhouden.
Meer over keer
Het woord keer heeft een tweede leven als werkwoord: *keren* betekent omdraaien of terugkomen. De gebiedende wijs is ook keer: *keer om!*. Daarnaast bestaat maal als wiskundig woord: *drie maal vier*, zie maal. Het verschil is vooral stijl: maal is formeler. In de uitdrukking *een keer of drie* wil je zeggen 'ongeveer drie keer'. Het woord tijd gebruik je wanneer je een moment bedoelt in plaats van een aantal.
Zeg je 'drie keer' of 'drie keren'?
Drie keer. Na een telwoord blijft keer enkelvoud; 'keren' gebruik je zonder telwoord, zoals in 'meerdere keren'.
Wat betekent 'ne keer' in Vlaanderen?
Dat is 'een keer' of 'eens': 'kom ne keer kijken' betekent 'kom eens kijken'.