Hengst: het mannelijke paard, en een straattaalwoord
Een hengst is een volwassen mannelijk paard dat niet is gecastreerd. In spreektaal wordt het woord ook gebruikt voor een stoere of aantrekkelijke man.
Een hengst is een mannelijk paard dat nog kan fokken. Het woord is heel oud: in het Engels leeft het voort in de naam Hengist, wat letterlijk hengst betekent. In het Nederlands is het zowel een vakterm voor ruiters als een informeel woord voor een imposante man.
- Mannelijk paard. *De hengst dekte de merrie.*
- Ook ander mannelijk dier. *Een ezelhengst.*
- Informeel: stoere man. *Wat een hengst!*
Vormen
| Vorm | Woord | Opmerking |
|---|---|---|
| Lidwoord | de hengst | Een de-woord. |
| Meervoud | hengsten | Met -en. |
| Verkleinwoord | hengstje | Jonge hengst. |
| Vrouwelijk | merrie | Vrouwelijk paard. |
| Gecastreerd | ruin | Niet fokgeschikt. |
Voorbeelden
- De hengst stond trots in de wei.Neutraal, paardensport.
- Voor de fok koos de eigenaar een sterke hengst.Fokkerij.
- Die jongen is een echte hengst, zeggen ze.Spreektaal; kan bedoeld zijn als compliment of spot.
Hengst, ruin en merrie
Bij het paard kent het Nederlands drie woorden: hengst is het mannelijke fokdier, merrie het vrouwelijke en ruin een gecastreerde hengst. Jonge dieren heten veulen. Veel ruiters hebben een voorkeur voor een ruin, want die is rustiger. Het woord hengst klinkt kort en krachtig, wat het geschikt maakt als bijnaam.
In de paardensport worden hengsten gekeurd en soms voor hoge bedragen verhandeld. Beroemde fokhengsten in de dressuur en springsport leveren nakomelingen op, waarvan het zaad wereldwijd wordt verspreid. Het woord staat dus ook voor een stuk economie.
Wat is het verschil tussen hengst en ruin?
Een hengst is niet gecastreerd en kan dekken, een ruin wel gecastreerd.
Is hengst een compliment voor een man?
In spreektaal vaak wel, maar het kan ook spottend klinken. Let op de toon.