Gloed: warmte die je bijna kunt zien
Gloed is het licht en de hitte van iets dat gloeit, zoals kolen of de ondergaande zon. Figuurlijk is het hartstocht of warmte van gevoel.
Gloed is de rode, warme schijn van iets dat heet is. Het woord werkt even goed voor een haardvuur als voor een gezicht dat blozend van trots is. Het combineert licht en warmte in één beeld. Daardoor past het niet alleen bij vuur, maar ook bij kleur: de gloed op de wangen of de gloed van de avondzon.
- Rode schijn van vuur. *De gloed van het haardvuur.*
- Warmte in het licht. *De gloed van de ondergaande zon.*
- Hartstocht (figuurlijk). *Hij sprak met gloed over zijn plan.*
Vormen
| Vorm | Woord | Opmerking |
|---|---|---|
| Lidwoord | de gloed | De-woord. |
| Meervoud | — | Vrijwel altijd enkelvoud. |
| Werkwoord | gloeien | Ik gloei, het gloeide. |
| Bijvoeglijk | gloeiend | Gloeiend heet. |
| Samenstelling | gloeilamp | Lamp met gloeidraad. |
Gloed in een zin
- In de gloed van de zon werd alles goudkleurig.Dichterlijk.
- Ze vertelde met gloed over haar reis.Overdrachtelijk; enthousiast.
- De gloed van de kolen verwarmde de kamer.Letterlijk.
Gloed en verwante woorden
Het woord hoort bij het werkwoord *gloeien* en is verwant met het Engelse *glow* en het Duitse *glühen*. Een gloeilamp geeft licht doordat een draad zo heet wordt dat hij gaat gloeien. De lamp van vroeger werkte met dit principe. Wie met hitte te maken heeft, voelt gloed op zijn wangen, en een open vuur is de klassieke bron van gloed.
Is gloed hetzelfde als hitte?
Niet helemaal. Gloed gaat over licht en warmte samen, hitte vooral over temperatuur.
Wat betekent met gloed spreken?
Met veel hartstocht en overtuiging praten.