Charme: de gave om te bekoren
Charme is de aantrekkelijkheid van iemand of iets, een eigenschap waardoor je mensen voor je wint. Het woord is ontleend aan het Frans.
Charme is de ongedwongen aantrekkingskracht die iemand of iets heeft. Het Franse charme komt van het Latijnse carmen, lied of toverspreuk, dus charme was oorspronkelijk een soort betovering. Wie charme heeft, wint mensen voor zich, en heeft vaak ook veel gratie.
- Aantrekkelijke uitstraling. *Ze heeft veel charme.*
- Aantrekkelijk karakter van een plek. *Het stadje heeft zijn charme behouden.*
- Charmant gedrag. *Hij zette zijn charme in.*
Vormen
| Kenmerk | Vorm | Opmerking |
|---|---|---|
| Lidwoord | de charme | geen meervoud |
| Bijvoeglijk | charmant | charmante vrouw |
| Werkwoord | charmeren | charmeert, charmeerde, gecharmeerd |
| Persoon | charmeur | wie charmeert |
| Samenstelling | charmeoffensief | verkiezingsterm |
Zo gebruik je het
- Het hotel heeft veel charme.Reisbrochures.
- Hij is een echte charmeur.Iemand die graag indruk maakt.
- Ik ben gecharmeerd van dat idee.Voltooid deelwoord: aangenaam getroffen.
Charme en charmeren
In de uitdrukking *gecharmeerd zijn van* betekent het dat iets je aanstaat, een beetje formeel. Het charmeoffensief is een verkiezingsterm: een campagne om sympathie te winnen. Over de uitspraak: de ch klinkt zoals in het Frans, als sj. Zeg je dat een stad charme heeft, dan bedoel je dat de sfeer en de oude gebouwen aantrekkelijk zijn. Wie echt charmant is, hoeft zijn best niet te doen: de charme zit in de ongedwongenheid. Charme is overigens iets anders dan een goed humeur: een charmant iemand kan best een slechte dag hebben, en toch sympathiek overkomen.
Is charme een de- of het-woord?
De charme.
Wat is gecharmeerd?
Aangenaam getroffen of ingenomen met iets.