Humeur: je gemoedstoestand, goed of slecht
Humeur is de stemming waarin iemand verkeert op een bepaald moment. Je kunt een goed of slecht humeur hebben, en dat verandert met de dag.
Je humeur zegt hoe je je op dit moment voelt. Het woord komt uit het Frans en gaat terug op het Latijnse humor, vocht: in de oude geneeskunde bepaalden lichaamssappen iemands gemoed. Zo zie je dat een woord voor stemming ooit een medische term was.
- Gemoedstoestand. *Ze was in een goed humeur.*
- Karakter of aard. *Hij heeft een vrolijk humeur.*
- Slecht humeur hebben. *Niet aanspreekbaar vanwege zijn humeur.*
Vormen
| Vorm | Woord | Opmerking |
|---|---|---|
| Lidwoord | het humeur | Een het-woord. |
| Meervoud | humeuren | Ook humeurs. |
| Verkleinwoord | humeurtje | Vaak spottend. |
| Bijvoeglijk | humeurig | Snel wisselend. |
| Bijvoeglijk | gehumeurd | Goed of slecht gehumeurd. |
Voorbeelden
- Ze was vandaag in een uitstekend humeur.Gewoon, positief.
- Zijn humeurtje bederft elke vergadering.Het verkleinwoord geeft een licht spottende toon.
- Hij kwam slecht gehumeurd thuis.Gehumeurd altijd met goed of slecht.
Humeur is niet humor
Let op: het Nederlandse humeur betekent stemming, terwijl humor de grap of grappigheid is. Het Engelse humour komt van hetzelfde Latijnse woord, maar betekent humor: voor Engelstaligen is het dus een valse vriend. Een humeurig iemand heeft dus geen gevoel voor humor, hij is alleen snel boos. Verwant is bui, dat ook een tijdelijke stemming kan zijn, en woede is de heftigste variant.
In het Nederlands bestaan veel samenstellingen: humeurverandering, humeurigheid en humeurverbetering. Journalisten schrijven over het humeur van de beurs. Ook dat toont hoe breed het woord geworden is.
Wat is het meervoud van humeur?
Humeuren. Humeurs komt ook voor, maar is minder gebruikelijk.
Kun je een humeur hebben zonder bijvoeglijk naamwoord?
Ja, maar dan bedoel je vaak een slecht humeur: hij heeft weer een humeur.