Zaad: het kleine begin van planten, en soms van mensen
Zaad is het voortplantingsorgaan waaruit een nieuwe plant groeit. Het woord wordt ook gebruikt voor het mannelijke voortplantingsvocht.
Zaad is het deel van een plant waaruit een nieuwe plant kan groeien. Wie 'tweedracht zaait', verspreidt onenigheid zoals een boer zijn zaad strooit. Het woord is dus zowel landbouw als beeldspraak.
- Plantenzaad. *Een zakje zaad voor tomaten.*
- Mannelijk voortplantingsvocht. *Sperma, in formele taal.*
- Oorzaak of kiem (figuurlijk). *Het zaad van de twijfel.*
- Verwant: plant. Uit zaad groeit een plant.
Vormen
| Vorm | Woord | Voorbeeld |
|---|---|---|
| Lidwoord | het zaad | Het zaad ontkiemt. |
| Meervoud | zaden | Gedroogde zaden. |
| Verkleinwoord | zaadje | Een zaadje planten. |
| Werkwoord | zaaien | Ze zaait bloemen. |
| Verleden tijd | zaaide, gezaaid | Hij zaaide gras. |
Voorbeeldzinnen
- Strooi het zaad dun uit over de aarde.Tuinieren; 'zaad' zonder meervoud.
- Haar opmerking zaaide twijfel bij het team.Figuurlijk; 'zaaien' met abstract object.
- Deze zaden ontkiemen in twee weken.Meervoud 'zaden' bij soorten of aantallen.
Uitdrukkingen en herkomst
- Tweedracht zaaien: onenigheid veroorzaken.
- Wie zaait, zal oogsten: je krijgt wat je doet terug; zie ook oogst.
- Het zaad van twijfel zaaien: iemand aan het twijfelen brengen.
- In het zaad schieten: doorschieten, bij groenten die bloeien in plaats van bladeren groeien.
- Het woord is verwant aan *zaaien* en Engels *seed*; beide gaan terug op een Germaanse stam voor 'strooien'.
Is zaad enkelvoud of meervoud?
In de landbouw gebruik je vaak het enkelvoud voor een hoeveelheid; voor losse korrels zeg je 'zaden'.
Wat is het verschil tussen zaad en pit?
Pit is het harde zaad in een vrucht; zaad is het algemene woord.