Vloer: wat je onder je voeten hebt, en niet de verdieping
De vloer is het onderste vlak van een ruimte waarop je loopt en staat. Ook: de ruimte zelf waar iets gebeurt, zoals de dansvloer.
De vloer is het vlak waarop je loopt, binnen of buiten. Anders dan in het Engels is een vloer in het Nederlands nooit een verdieping: daarvoor gebruiken we etage of verdieping. Het woord komt vaak voor in uitdrukkingen waarin mensen elkaar bezoeken, uitdagen of vernederen.
- Onderste vlak van een ruimte. *De vloer van de keuken is betegeld.*
- Vlak voor een bepaalde activiteit. *De dansvloer stroomde vol.*
- Bij bezoek: onder je dak. *Hij komt vaak bij ons over de vloer.*
Vormen
| Kenmerk | Vorm | Voorbeeld |
|---|---|---|
| Lidwoord | de vloer | De vloer is koud. |
| Meervoud | vloeren | Houten vloeren. |
| Verkleinwoord | vloertje | Een vloertje van tegels. |
| Samenstelling | vloerverwarming | Warm onder je voeten. |
| Samenstelling | vloerkleed | Een zacht vloerkleed. |
Voorbeelden uit het dagelijks gebruik
- De vloer moet nodig gedweild worden.Alledaags huishoudelijk gebruik.
- Hij komt hier al jaren over de vloer.Zegt dat iemand vaste bezoeker is.
- Ze veegde de vloer aan met haar tegenstander.Informeel: iemand duidelijk verslaan of vernederen.
Vloer, grond, verdieping en gelijkvloers
- Vloer: het vlak binnen een ruimte. *De vloer van de gang.*
- Grond: het buitenvlak of de aarde. *Op de grond zitten.*
- Etage of verdieping: een bouwlaag. *Op de derde verdieping.*
- Gelijkvloers: Belgisch voor de begane grond. *Het gelijkvloers is verhuurd.* In Nederland heet dat de begane grond.
Wat betekent 'gelijkvloers'?
In Vlaanderen is dat de woonlaag op straatniveau, in Nederland de 'begane grond'.
Is vloer hetzelfde als grond?
Nee. De vloer ligt in een gebouw en is gemaakt; de grond is de natuurlijke ondergrond.